Monday, April 26, 2010

Austin

De treinrit van New Orleans naar Austin, Texas nam zo'n 21 uur in beslag. Ok, de afstand tussen de twee steden is flink, maar de snelheden die de treinen hier maken zijn niet te vergelijken met die in Nederland en in de rest van Europa. De meeste mijlen gaan met een slakkengang en ik had een vier uur lange stop in San Antonio om 03:00. Ik keek er een beetje tegenop, maar het viel uiteindelijk allemaal wel mee. De Amtrak trein is erg comfortabel, inclusief dining, cafe en lounge car, waar je rustig van de mooie uitzichten kan genieten. De vier tussenuren heb ik opgevuld met een vroeg ontbijt en bezoek aan the Alamo.

Austin is vooral een stad voor de nacht; genoeg mogelijkheden om te stappen en om live muziek te checken. Vooral om het laatste staat het bekend, aangezien hier ook een van de grootste muziekbeursen/festivals, SXSW, wordt gehouden. Daarnaast stikt het van de clubs en kroegen die hun podium ter beschikking stellen aan de talentvolle locale music scene.

Op mijn laatste dag in Austin ben ik richting Barton Springs gegaan, een natuurgebied rondom natuurlijke waterbronnen. Na een tijdje de toeristische route gelopen te hebben ben ik af gaan wijken en liep uiteindelijk langs een gast die allerlei planten uit de grond aan het trekken was. Ik wandelde door  maar besloot na een kwartiertje weer terug te gaan aangezien ik geen zin had om te verdwalen. Toen ik dezelfde kerel nog steeds bezig zag besloot ik maar te vragen wat hij in hemelsnaam aan het doen was. Hij bleek Marcus te heten en woonde boven aan de heuvel, een paarhonderd meter bij deze plek vandaan.  De planten die hij uit de grond trok waren Poison Ivy, een giftige plant waarvan je, als hij opengebroken is, flinke blaren en brandwonden aan over kan houden. Zelfs als het gif alleen maar op je kleren komt kan je er later nog wat aan overhouden als je het weer aanraakt. Aangezien zijn neefjes en nichtjes hier regelmatig spelen wil hij zoveel mogelijk van die troep weghebben. En dan te bedenken dat ik 10 minuten daarvoor rustig langs de Poison Ivy was gewandeld. We raakten verder aan de praat en uiteindelijk kreeg ik een gratis rondleidig van Marcus met meer uitleg over Poison Ivy en andere planten en dieren. Teruggekomen bij het hostel heb ik maar wel even m'n kleren gewassen!

Friday, April 16, 2010

New Orleans

Even wat anders. New Orleans is niet te vergelijken met welke andere Amerikaanse stad dan ook. Je zou zelfs kunnen zeggen dat het een on-Amerikaanse plek is. Geen hoogbouw in downtown, karakteristieke Franse balkonnetjes en een relaxte sfeer. Daarnaast verbleef ik in een prima hostel met een grote tuin en een zwembad.

De stad staat bekend om haar traditionele Cajun food. Op mijn eerste avond ben ik dit meteen maar gaan proberen met een groep mensen die ik deels al in Nashville had ontmoet. We kwamen pas om 22:30 aan bij Coop's Place, wat uiteindelijk een populair restaurant bleek aangezien we alsnog een half uur moesten wachten voordat we aan konden schuiven. Maar wat hield dat Cajun voedsel uiteindelijk in Jaime? Nou, het komt er zo'n beetje op neer dat ze in New Orleans graag garnalen, konijnenworst en alligator eten. En als het even kan mixen ze het gewoon door elkaar met wat rijst en bonen erbij.
Een ander populair gerecht hier is crawfish. Normaal ben ik niet zo'n seafood fan, maar dit laatste heb ik toch maar geprobeerd. Een van de werknemers van het hostel was namelijk jarig en trakteerde op deze lokale specialiteit. De kreeften werden in een grote pan gegooid vergezeld door aardappels, mais, worst, knoflook en kruiden. Vervolgens werd de hele mikmak op de picknick tafels gesodemieterd, waarna iedereen zijn gang kon gaan.

New Orleans wordt omringd door moerasgebied en daarom ben ik maar een dagje meegegaan met de swamp tour. In deze moerassen leven een hoop diersoorten, waaronder slangen, schildpadden en alligators. Tijdens de busreis ernaartoe zag ik al twee alligators aan een slootkant liggen. De verwachtingen op meer van dit soort beesten tijdens de tour waren dus hooggespannen, maar wat dat betreft kwam ik helaas van een koude kermis thuis. Wel zijn we een drietal slangen en wat aparte vogels tegengekomen en de gids had leuke en interessante verhalen over de moerassen.

In het weekend van 9-11 april stond het French Quarter Festival op het programma. Opnieuw een hoop live muziek maar ditmaal voornamelijk jazz. In totaal waren er rond de 18 podia, maar de optredens in the Preservation Hall sprongen er het meest bovenuit. Deze club is volledig behouden in oude stijl en biedt louter plaats aan typische New Orleans en Dixieland jazz bands.

Tijdens dit festivalweekend heb ik ook voor het eerst kennis gemaakt met het fantastische wapenbeleid van de V.S. Ik was op mijn weg terug van de podia naar het hostel en besloot de tram te nemen. Tijdens de stop op de hoek van het populaire en drukke Bourbon Street hoorde ik opeens twee knallen. Ik dacht dat het vuurwerk was, maar al snel zag ik mensen wegrennen en wegduiken. Uiteindelijk bleek dat er die avond zeven mensen zijn neergeknald, voor zover ik weet geen doden. Toch wel een aardige schok, aangezien ik die avond ervoor dezelfde route naar het hostel gelopen had. Na deze avond heb ik dat maar niet meer gedaan!

Momenteel zit ik alweer veilig in Austin, Texas. Binnenkort weer een update. Vergeet niet het bericht over Nashville en Memphis hieronder te lezen!

Nashville & Memphis

Nashville en Memphis claimen allebei grote muzieksteden te zijn. Beiden hebben zo hun grote sterren voortgebracht. Dat klinkt dus wel als muziek in de oren voor Jaime.

First stop: Country-Walhalla Nashville. De trotse bewoners van deze stad noemen hun woonplaats ook wel Music City. En niet helemaal onterecht; veel muziekmaatschappijen zijn hier gevestigd, een hoop grote country-sterren zijn hier groot geworden en in elke bar is wel live muziek te vinden. Daarnaast is er op zowat elke straathoek subtiel een speaker gemonteerd zodat je overal van de zwoele countryklanken kan genieten.

Een wandeling door de stad bracht me bij Music Row, een soort Hilversum in Nashville, maar dan compleet gericht op muziek. Alle major platen- en publishingmaatschappijen hebben hier een vestiging. Deze worden omringd door tientallen kleinere bedrijfjes en studio's. Het is dan ook niet gek dat er een hoop mensen verbleven in mijn hostel die een deal probeerden binnen te slepen. De meesten hadden het idee dat ze het wel even zouden maken maar helaas voor hen zag ik weinig talent.

Interessante stuff maar er is een keerzijde aan Music City Nashville: je kan een hoop live muziek in de stad vinden maar de meeste bands die je tegenkomt in de bars spelen voornamelijk covers. Leuk voor de dronken toeristen die op hun oude dag nog een keer Sweet Home Alabama willen horen, maar niet voor mij. Daarom besloot ik maar om een ticket te kopen voor het optreden van Tegan & Sara in het Ryman Auditorium, een muziekhal waar vroeger het beroemde Grand Ole Opry gevestigd zat. Hier speelden alle grote country sterren, van Johnny Cash naar Dolly Parton.

Next stop: Memphis. De stad van Elvis, Bluesmuziek en het beroemde soul-label Stax. Ook deze plaats beweert een groot muziekmetropool te zijn, maar dit moet ik toch echt nuanceren. Memphis heeft een mooie historie met grote namen als B.B. King, Otis Redding en natuurlijk The King of Rock'n'Roll. Beale Street was ooit dé straat waar het allemaal gebeurde. Maar vandaag de dag is het één grote toeristische attractie met louter coverbands.

Daarom ben ik maar naar de historie gaan kijken met bezoekjes aan Graceland (Elvis' huis), het Stax museum en het Rock 'n'  Soul museum. En natuurlijk Mississipi monsters gespot.

Sunday, April 4, 2010

Het Monster van de Mississipi


Op de eerste vrijdagmiddag van april plaatste ik mezelf op een bankje aan de Mississipi River om van de zonsondergang te genieten. Met oordopjes in mijn oren en iPod op shuffle keek ik naar het rustig voorbijstromende water, de beboste oevers aan de overkant en de bruggen met rijdende auto's aan weerszijden. Terwijl het water haar weg vond kwam er vanuit de verte een stekelachtige gedaante mijn gezichtsveld binnen drijven. Het bewoog zich in een dusdanig traag tempo met de stroming mee dat ik tijd genoeg had om me af te vragen wat het in hemelsnaam zou kunnen zijn. Uiteindelijk bedacht ik me dat als Loch Ness een monster had, waarom de Mississipi dan niet? Helemaal zeker was ik echter niet en de twijfel sloeg des te meer toe toen er een tweede monster aan kwam zwemmen. Ondertussen produceerde mijn iPod nog steeds geluid en klonk er de volgende tekst vanuit mijn oordopjes: ''All I am is a piece of wood, cut from something living''. Op dat moment drong het to me door: het was maar een boom.

Youth Group - Piece of Wood